Nieuw onderzoek toont aan dat flexi-werken weliswaar steeds meer aan populariteit wint, maar dat bedrijven tot nu toe nog achterblijven bij deze trend

47% van de werknemers werkt regelmatig vanuit huis

Nieuw onderzoek toont aan dat flexi-werken weliswaar steeds meer aan populariteit wint, maar dat bedrijven tot nu toe nog achterblijven bij deze trend

  • 47% van de werknemers werkt regelmatig vanuit huis
  • Werknemers noemen verbeterde efficiëntie en productiviteit als voordelen van thuis werken
  • Echter, 24% van de werkgevers biedt nog steeds geen ondersteuning voor werken op afstand
  • En slechts 18% van de werkgevers stelt technologieën voor extern vergaderen ter beschikking die nodig zijn om dit tot norm te maken

Februari, 2017 - In de komende 10 jaar zullen werkpraktijken, organisatiestructuur en kantooromgevingen waarschijnlijk aanzienlijke veranderingen ondergaan. Hierop vooruitlopend, heeft nieuw onderzoek van Epson, waarbij MKB-bedrijven in delen van Europa, het Midden-Oosten en Afrika (EMEA) werden ondervraagd, aangetoond dat al minder dan een vijfde (18%) van de werknemers de werktijd uitsluitend in een kantooromgeving doorbrengt.  En hoewel velen aangeven dat flexibiliteit qua werklocatie hun persoonlijke productiviteit ten goede komt, ondersteunt bijna een kwart van de werkgevers (24%) dit nog niet.

Dit suggereert een schril contrast in benaderingswijzen bij werkgevers.  Het onderzoek suggereert dat 47% van het personeelsbestand regelmatig thuis werkt - 30% minimaal één tot twee dagen per week en nog eens 15% drie tot vier dagen per week.  Maar hoewel bepaalde werkgevers openstaan voor flexibiliteit bij het werken, waarbij 13% van de ondervraagde werknemers zelfs aangeeft niet langer een vast toegewezen bureau te hebben, zijn andere terughoudender.   24 procent van de ondervraagde werknemers geeft aan dat hun organisatie momenteel werken vanuit huis niet toestaat en nog eens 26% zegt dat hun werkgevers toegeven dat enige flexibiliteit bij het werken voordelen biedt, zonder echter werken buiten kantoor actief te ondersteunen.

Xxxx, xxxx bij Epson, zegt: "Mogelijk zijn sommige organisaties niet zo bereid deze wijzigingen in hun werkpatronen te integreren als andere, maar aangezien de concurrentie bij de personeelswerving anno 2017 in de EMEA-regio steeds heviger wordt, komen zij mogelijk voor een zware keuze te staan. De 50% van de bedrijven die zich terughoudend tonen bij het opnemen van flexi-werken als onderdeel van de arbeidsvoorwaarden van werknemers zullen mogelijk hard worden getroffen door de huidige situatie op de talentenmarkt, aangezien het steeds moeilijker wordt om gekwalificeerde kandidaten te vinden in de regio."

Toen dieper werd ingegaan op de redenen waarom flexi-werken aantrekkelijk is voor werknemers, gaf 27% van de respondenten aan dat werken vanuit huis hun balans tussen werk en privé verbeterde, hetgeen een belangrijke factor vormt voor het behoud van werknemers, en 24% merkte op dat werken vanuit huis hun in staat stelde hun reistijd van huis naar werk te verkorten.

Maar flexibele werkoplossingen resulteren niet alleen in een betere balans tussen werk en privé. Zo geeft 22% van de werknemers die buiten de kantooromgeving werken zelfs aan dat zij zich beter kunnen concentreren op een bepaalde taak. 46 procent van de respondenten gaf aan dat een of twee dagen per week thuis werken optimaal is vanuit het oogpunt van werkefficiëntie en 42% was het ermee eens dat dit tevens de beste manier vormt om de productiviteit te verhogen.

Hoewel met 41% een aanzienlijk percentage van de respondenten al de voordelen van thuis werken plukt, blijven er obstakels bestaan die voorkomen dat werken buiten het kantoor de norm voor iedereen kan worden. Vaak wordt dit bepaald door de technologische oplossingen die beschikbaar zijn ter ondersteuning van opties voor flexi-werken, aangezien slechts 18% van de werkgevers momenteel actief ondersteuning en voorzieningen biedt voor werken vanuit huis via technologieën voor extern vergaderen en interactieve technologie, die op fundamentele wijze ertoe bijdragen dat werknemers over de middelen beschikken om hun werk te doen waar zij zich ook bevinden.

Naarmate de zogenaamde "klusseneconomie" steeds vastere voet aan wal krijgt, waarbij tijdelijke functies vaker voorkomen en werknemers meerdere kortlopende verbintenissen met verschillende organisaties aangaan, zal het idee van vast personeel dat voor een flexibelere werkbenadering kiest aan kracht winnen. Hoewel de klusseneconomie zich niet in alle landen binnen EMEA in gelijke mate ontwikkelt, zullen de verwachtingen ten aanzien van dienstverband en balans tussen werk en privé verschuiven met de opkomst van een nieuwe generatie werknemers die onze kantoren betreden.

Naarmate "overal werken" toeneemt en de samenwerking wordt uitgebreid over regio's en grenzen heen, terwijl bovendien werknemers thuis en op kantoor gemakkelijker met elkaar kunnen worden verbonden, zullen volgens de voorspellingen de technologieën die nodig zijn om deze wijzigingen te ondersteunen een kernonderdeel gaan vormen van de gereedschapskist van elke IT-manager.


Over het onderzoek

Het onderzoek werd online uitgevoerd door Coleman Parkes vanaf oktober 2016 tot en met januari 2017.

Profiel van doelgroep: bedrijven in het MKB (10-250 werknemers). Werknemers die regelmatig gebruikmaken van printers (ten minste een keer per week)

2400 interviews in totaal.

Met kantoormedewerkers op locatie in Tsjechië, Slowakije, Polen, Hongarije, Roemenië, België, Denemarken, Finland, Nederland, Noorwegen, Zweden, Zuid-Afrika, Israël en Griekenland.

In totaal n=2400 kantoorwerkers hebben de enquête tot op heden ingevuld. De onderverdeling van de respondenten die de enquête in elk land hebben ingevuld is als volgt: Tsjechië (250), Slowakije (250), Polen (200), Hongarije (200), Roemenië (100), België (200), Denemarken (100), Finland (100), Nederland (200), Noorwegen (100), Zweden (200), Zuid-Afrika (200), Israël (200), Griekenland (100).

Houd er rekening mee dat de standaardconventie voor afronding is toegepast en dat sommige totalen dus niet op 100% uitkomen.